Car Charger Pakket handleiding versie 1.2
De installatie van een autolader moet worden uitgevoerd door een opgeleide installateur.
De elektrische installatie-voorschriften die gelden in het land van installatie dienen gevolgd te worden.
Voor installatie is het volgende nodig:
• SG-Hub (zie de handleiding voor netwerkverbinding en slimme energieplanning)
• RS-485 kabel voor de verbinding tussen de autolader en de SG-Hub
• Power Dot Eco+ autolader (3 fase) met type 2 laadkabel
• Netsnoer, aan te sluiten door de installateur
Deze handleiding beschrijft de installatie van de autolader:
Distributeur : ENTRATEC
Type-naam : Power Dot Eco+
Type nr : AC011K-AE-35 (Deze is 3-fase, 11KW met 7m vaste voertuigkabel.)
1) De bevestiging van de autolader.
Er is door de fabrikant/distributeur ‘ENTRATEC’ precies beschreven waar en hoe de autolader moet worden bevestigd. Deze handleiding dient nauwkeurig te worden gevolgd. De lader mag binnen of buiten worden gemonteerd.
Er is o.a. beschreven hoe de behuizing van de autolader moet worden geopend en hiervoor wordt een speciale tool meegeleverd. De behuizing moet n.l. worden geopend om de bevestigingsgaten te bereiken. Er wordt een boormal meegeleverd om eenvoudig de positie van de boorgaten voor de pluggen te bepalen.
2) De vermogensaansluiting (=netaansluiting) van de autolader.
De lader moet in de groepenkast worden aangesloten op een ‘eigen’ 3-fasen groep. Dat wil zeggen dat deze groep uitsluitend voor de autolader mag worden gebruikt. De groep moet een capaciteit van 3x16A hebben. Deze moet in de meterkast worden beveiligd met een zekering-automaat van 16A met B-karakteristiek.
De autolader wordt vanuit de meterkast aangesloten met:
Fase-1/L1 (bruin) + Fase-2/L2 (zwart) + Fase-3/L3 (grijs) Nuldraad/N (blauw) Aarde/PE geel/groen

De minimale ader-diameter is 2.5mm2. (Bij een kabellengte van >10m wordt 4mm2 geadviseerd.)
-Gebruik 5x 2.5m2 voor kabels zonder aardscherm (en gebruik de groen/gele ader van 2.5mm2 als aarde)
-Gebruik 4x 2.5mm2 voor kabels met aardscherm, zogenaamde grondkabels. Gebruik de zogenaamde aardlitze, het vertinde koperdraadje dat contact met de omvlechting maakt, als aarde of beschermgeleider (PE). Voorzie de aardedraad (litze) van een isolerende mantel.
3) De voertuigkabel
Dit type autolader heeft een vaste voertuigkabel met een kabellengte van 7m.
4) De RS485 verbinding
Deze komt uitgebreid aan de orde in de handleiding van de SG-Hub.
Deze autolader heeft echter alleen ‘A’ en ‘B’ aansluitingen voor de RS485. De 0V/GND verbinding ontbreekt op de autolader. De communicatie tussen autolader en SG-HUB werkt hiermee goed voor verbindingen tot 15m.
SG-Hub RS-485
De SG-Hub heeft de volgende RS-485 connectors:
• Rood: 5V OUT
• Zwart: GND
• Groen: RS-485 B
• Geel: RS-485 A


• Verbind de RS-485 kabel met de SG-Hub connectors.
Autolader RS-485
Verbind de RS-485 kabel met de autolader:
De autolader heeft een groene 6-pins schroefklemconnector. Zie de afbeelding. De witte sticker aan de linkerkant laat de namen van de connectors zien.
Van links naar rechts: RS-485 A, RS-485 B, not used, not used, CT-, CT+.
De connectors RS-485 A en RS-485 B zijn nodig voor gegevensoverdracht.
• Verbind Autolader RS-485 A met Ecosoft Apparaat connector RS-485 A.
• Verbind Autolader RS-485 B met Ecosoft Apparaat connector RS-485 B.

